Meerjarenplan 2015 - 2018

Jaarplan 2015

Risicothema: blootstelling aan gevaarlijke stoffen

Gevaarlijke stoffen zijn chemische stoffen of mengsels daarvan. Het gaat om synthetische, maar ook om natuurlijke chemische stoffen. Gevaarlijke stoffen zijn er in vele soorten. Van allergenen tot asbest, van houtstof tot lasrook, en van bestrijdingsmiddelen tot nanodeeltjes. Al deze stoffen kunnen gezondheidsschade opleveren. Sommige stoffen hebben slechts een klein en tijdelijk effect op de gezondheid, andere stoffen kunnen levensbedreigend zijn. 
Slechts een zeer klein deel van de gezondheidsklachten, gerelateerd aan gevaarlijke stoffen, wordt gemeld aan het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten. Dat komt onder andere doordat een bepaalde gezondheidsklachten pas optreden nadat een werknemer met pensioen is gegaan.


Klik op de bollen voor de risico's.

mate van schade
mate van schade
               
               
               
               
               
               
               
               
zeer kleine kans zeer grote kans
Blootstelling
Omvang risicogroep in aantal mensen
 
< 100.000
100.000 - 500.000
500.000 - 1.000.000
1.000.000 - 5.000.000
> 5.000.000
Kans moeilijk te bepalen op basis van beschikbare gegevens

Risico's

Kankerverwekkende stoffen veroorzaken kanker of vergroten de kans hierop. Mutagene stoffen kunnen het erfelijk materiaal beschadigen en in combinatie met andere stoffen kanker veroorzaken. Er zijn verschillende voorbeelden van kankerverwekkende en mutagene stoffen, waarmee werknemers regelmatig in aanraking kunnen komen. Onder andere:

  • Cytostatica werken remmend op de deling van (tumor)cellen. Ziekenhuizen gebruiken cytostatica in de vorm van geneesmiddelen en bij de behandeling van patiënten. Sommige cytostatica zijn kankerverwekkend of schadelijk voor de voortplanting.
  • De uitlaatgassen van dieselmotoren worden dieselmotoremissie (DME) genoemd. DME bevat gassen en vaste deeltjes (roet). De vaste deeltjes bevatten onder andere polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's), die kankerverwekkend zijn.
  • Houtstof ontstaat bij ver- en bewerking van hout. Houtstof kan kankerverwekkend zijn en kan leiden tot aandoeningen van de luchtweg, zoals COPD. En kan er ontploffingsgevaar bestaan.
  • Het inademen van kwartsstof is slecht voor de gezondheid en kan tot kanker leiden. Vroeger werden vooral mijnwerkers blootgesteld aan kwartsstof. Inmiddels is duidelijk dat blootstelling aan kwarts ook in andere beroepsgroepen voorkomt.
  • Lasrook is een verzamelterm voor het mengsel van gassen, dampen en deeltjes. Lasrook komt vrij bij lassen en aanverwante processen. Deze rook is schadelijk voor de gezondheid en kan kankerverwekkend zijn.

Het inademen van asbestvezels kan gevaarlijke ziektes veroorzaken, zoals stoflongen, longkanker en buikvlieskanker. De gezondheidseffecten openbaren zich pas na langere tijd (10 tot 30 jaar). Werken met asbest is niet te voorkomen, omdat er nog veel materiaal is dat asbest bevat en dat verwijderd moet worden. Daarom is er specifieke regelgeving voor asbest. De Inspectie heeft asbest als apart aandachtsgebied benoemd, hoewel asbest ook valt onder de kankerverwekkende en mutagene stoffen.

Sommige stoffen zijn zo gevaarlijk, dat het verboden is werknemers aan deze stoffen bloot te stellen. Een aantal van deze stoffen is vermeld in Afdeling 6 van het vierde hoofdstuk van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Het gaat vooral om kankerverwekkende stoffen, giftige stoffen en stoffen die ongeneeslijke ademhalingsziekten kunnen veroorzaken, zoals stoflongen. Voorbeelden van deze stoffen zijn propaansulton, zandsteen, benzeen en loodwit.
De Inspectie constateert nauwelijks overtredingen van de regels voor deze stoffen. De Inspectie acht de kans klein dan ook klein dat werknemers gezondheidsschade oplopen als gevolg van blootstelling op de werkplek aan verboden gezondheidsschadelijke stoffen.

Nanodeeltjes zijn zeer kleine deeltjes van een stof, ter grootte van 1 tot 100 nanometer (1 nanometer is een miljoenste millimeter). Deze deeltjes hebben bijzondere eigenschappen die wezenlijk kunnen verschillen van ‘normale’ materialen, bijvoorbeeld andere geleiding of magnetische of toxische eigenschappen. De eerste toxicologische onderzoeken naar nieuwe synthetische nanodeeltjes duiden erop dat bij synthetische nanodeeltjes dezelfde mechanismen een rol spelen als bij de ultrafijne deeltjes zoals dieselmotoremissies. Ook is het mogelijk dat er effecten optreden die lijken op de gevolgen van asbest. De precieze effecten zijn echter nog onbekend. Voorzichtigheid is dan ook geboden.
Gezondheidsschade als gevolg van blootstelling aan nanodeeltjes is nog niet aangetoond. Ook zijn er nog geen gevallen bekend van personen die als gevolg van blootstelling aan nanodeeltjes ziek zijn geworden.

  • Reprotoxische stoffen
    Reprotoxische stoffen zijn gevaarlijk voor de voortplanting. Deze stoffen hebben invloed op de vruchtbaarheid bij vrouwen en mannen en op de zwangerschap.
  • Vluchtige organische stoffen
    Vluchtige organische stoffen (VOS) komen vrij bij verdamping van aardolieproducten en andere organische stoffen en bij onvolledige verbranding. Voorbeelden zijn benzine, verf, inkten, lijmen, oplos- en schoonmaakmiddelen (reinigingsmiddelen), boenwas, cosmetica en nagellakremover.
  • Bijtende en irriterende stoffen
    Bijtende en irriterende stoffen zijn schadelijke stoffen die bij een eenmalig contact met de huid, ogen of luchtwegen beschadigingen aanbrengen. Blijft het bij eenmalig contact, dan treedt er meestal geen blijvend effect op. Maar als de blootstelling aanhoudt of vaak terugkeert, kunnen aandoeningen als eczeem of astma ontstaan. Voorbeelden van bijtende stoffen zijn zuren, zeepachtige stoffen in reinigingsmiddelen, oplosmiddelen, lasrook en zelfs water.
  • Allergenen (sensibiliserende stoffen)
    Allergenen (sensibiliserende stoffen) kunnen een overgevoeligheid (allergie) veroorzaken via het afweersysteem, bijvoorbeeld eczeem of astma.
  • Gewasbeschermingmiddelen en biociden
    Bestrijdingsmiddelen worden verdeeld in gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Gewasbeschermingsmiddelen beschermen (landbouw)gewassen tegen ziekten en plagen. Biociden bestrijden ook organismen, maar dan buiten de land- en tuinbouw. Bestrijdingsmiddelen kunnen via inademing, via de huid of via inslikken in het lichaam terechtkomen. Blootstelling kan plaatsvinden tijdens het klaarmaken van het middel, mengen, laden, en toepassen en reinigen van gebruikte apparatuur of persoonlijke beschermingsmiddelen. Daarnaast kan blootstelling voorkomen als werknemers een behandelde ruimte betreden of in contact komen met behandelde artikelen of plantaardige producten.
  • Stoffen zonder eigenaar
    Stoffen zonder eigenaar zijn stoffen die een bijproduct zijn bij werkzaamheden. Denk aan lasrook, houtstof, graanstof, katoenstof en kwartsstof. Een deel van deze stoffen valt onder de kankerverwekkende of mutagene stoffen, maar ze hebben ook andere eigenschappen. En niet al deze stoffen zijn kankerverwekkend of mutageen.